Terug naar overzicht

Vlaams Bouwmeester Van Broeck over de noodzaak van renoveren

woensdag 26 september 2018


Leo Van Broeck, burgerlijk ingenieur-architect, medeoprichter van bureau Bogdan & Van Broeck dat focust op onderzoek en actief maatschappelijk engagement, visionair.

Vlaams Bouwmeester - bogdanvanbroeck.com
 

Ik ben groot voorstander van binnen bestaande woonkernen – steden en dorpen – te blijven en te renoveren, in plaats van energiepositieve woningen op het platteland te bouwen. Verkavelen doen we nog maar 50 à 60 jaar en zit niet in onze natuurlijke aard ... Vroeger bestonden er kleine en grote steden, kleine en grote dorpen en daartussen af en toe een vierkantshoeve. Punt. We waren of stedeling of dorpeling of – als we veel grond nodig hadden voor het kweken van gewassen en houden van dieren – boer.

Wij moeten niet altijd met de auto rijden, wij moeten verhuizen zodat we dicht genoeg bij onze werkplek, openbaar vervoer, winkels en dienstverlening wonen. De totale ecologische impact van een passiefnieuwbouw in the middle of nowhere op een auto-afhankelijke plek zorgt – inclusief alle energie voor de aanleg van elektriciteit, bestrating enzovoort – voor meer CO2-uitstoot dan een niet-geïsoleerde negentiende eeuwse rijwoning in de stad …

Het wordt hoog tijd dat we de reële CO2-uitstoot gaan bekijken. E-peil en S-peil zijn positieve initiatieven maar wie controleert er of de eigenaar van zo’n huis bijvoorbeeld niet met de ramen open verwarmt? Niemand. Wie bewust en concreet voor minder CO2-uitstoot gaat, moet beloond worden. Wie zijn verantwoordelijkheid niet neemt, beboet. Biomassa is trouwens allesbehalve een verstandige oplossing, geothermie wel.

Niet-uitgehold duurzaam kent drie criteria: ligging, landfactor en energie. Die drie echt doeltreffend verenigen vraagt om opschaling naar het collectieve. Een warmtenet bijvoorbeeld maak je niet alleen, maar samen – via een groepsaankoop. Sharingeconomie in plaats van ons destructieve consumptiemodel is de enige redding voor de planeet en onszelf. Auto en gereedschappen delen, hergebruik van materiaal, samenwerken met een bioboer uit de buurt enzovoort. Ecologisch schaalvoordeel in groep. We moeten ontsnappen aan de status van particulier. Het puur individuele ruimteverbruik moet eruit. Maar de wet op mede-eigendom hinkt helaas nog achterop ...

 

Drie belangrijke vragen om jezelf te stellen

 

1. Staat de woning op een verantwoorde plaats? Staat ze de natuur niet in de weg? Zorgt de ligging voor massa’s CO2-uitstoot omdat ik voortdurend de auto nodig heb? Als het plaatje niet klopt, is dit een gebouw om uit te wonen tot het op is en dan te verdwijnen, niet om te renoveren ...

2. Hoe zit het met de bewoningsdensiteit, de landfactor? Hoeveel aard­oppervlak, vierkante meter bodem neem je per bewoner in? Als die dichtheid laag ligt en je hebt geen velden of weides nodig om in je levensonderhoud te voorzien, dan zit je niet op je plek. Verhuizen naar een kleinere oppervlakte, in een bestaande woonkern is dan de duurzame boodschap.

3. Wat met de energie? Zorg dat je huis geen nefaste invloed heeft qua CO2-­uitstoot. Denk daarbij niet alleen aan het eindeffect, het verbruik, maar ook aan welke materialen en installaties je inzet bij de renovatie en wat hun productie en werking vraagt aan energie.